Samenwerking As50 weer een stap verder gebracht
In 2010 hebben de As50-gemeenten (Bernheze, Oss, Uden en Veghel) de handen ineen geslagen om intensiever te gaan samenwerken. Daarbij staat hen voor ogen om gezamenlijk het regionale woon- werk- en leefklimaat te versterken.
Gezamenlijk omdat uit onderzoek is gebleken dat de realisatie van de As50 een goede strategische uitgangspositie heeft gecreëerd voor gewenste ontwikkelingen op ruimtelijk, economisch en sociaal terrein.
En gezamenlijk omdat de vier gemeenten afzonderlijk niet altijd over voldoende invloed en (financiële) mogelijkheden beschikken.
Naar we nu kunnen vaststellen kwam dit besluit op een goed moment. De aangekondigde Rijks- en provinciale bezuinigingen versterken immers de noodzaak tot samenwerking. Het wordt steeds meer duidelijk dat alleen op deze wijze de kwaliteit van voorzieningen in de regio behouden en betaalbaar kan blijven.
De samenwerking krijgt steeds meer gestalte doordat acties worden uitgezet op specifieke thema's. Eerder dit jaar hebben de colleges ingestemd met de plannen voor Hoogwaardig Openbaar Vervoer, Landbouw, Welzijns- en zorgstructuren, Arbeidsmarkt en Multimodaal vervoer en Logistiek.
Nu zijn de vervolgacties vastgesteld voor de overige thema's: Maashorst, Duurzaamheid, Cultuur, Bedrijventerreinen en Wonen en voorzieningen.
Omdat de thema's zo verschillend zijn en er steeds voor ogen staat dat samenwerking op de juiste (regionale) schaal moet worden gekozen, verschillen de aard en ambities van de acties onderling.
Zo is bijvoorbeeld voor ‘Arbeidsmarkt' vast komen staan dat het effectiever (en dus logischer) is om vanuit de As50 inbreng te leveren in het ruimere regionale verband van Noordoost Brabant.
Voor ‘Landbouw' is, in enkele bijeenkomsten met stakeholders, vast komen staan dat het beter is om als As50 in te zetten op ‘transitie in de agrofood'. En binnen Hoogwaardig Openbaar Vervoer heeft intensiever contact tussen de gemeenten geresulteerd in meer gemeenschappelijke input naar de andere partijen (bedrijfsleven, provincie en reizigers).
De resultaten van deze acties zijn niet altijd direct zichtbaar in de praktijk, maar doordat er onderling meer contacten zijn en visies/meningen in een vroeg stadium worden gedeeld, zijn sneller afspraken over vervolgstappen mogelijk.
Bovendien hebben de intensievere contacten ook ertoe bijgedragen dat de gemeenten elkaar steeds meer vinden in praktische werkafspraken. Dit leidt bijvoorbeeld tot verdergaande samenwerking op het gebied van kabels en leidingen om tot nieuwe duidelijke overeenkomsten en werkafspraken met de nuts- en telecombedrijven te komen.
Kortom:
De samenwerking As50 heeft het oriëntatiestadium afgesloten en zal zich, meer dan in de afgelopen periode het geval is geweest, gaan richten op uitvoering van de vastgestelde acties.
